Uw proefschrift in druk

Neem de tijd

Ulti Clocks content

Zoeken

Wie is online?

We hebben 27 gasten online
Hoofdstuk 7 - De promotiecommissie en de promotie PDF Afdrukken
Artikel 28

1. De promotie geschiedt ten overstaan van een door het College van Decanen ingestelde promotiecommissie.

2. De promotiecommissie bestaat bij voorkeur uit:

a. de leden van de beoordelingscommissie, als bedoeld in artikel 19, eerste lid;
b. de promotor en de eventuele copromotor;
c. een of meer andere hoogleraren en gepromoveerden, op voordracht van de promotor door het College van Decanen aangewezen als lid van de promotiecommissie;
d. de onder a, b en c bedoelde leden nemen deel aan het beraad, bedoeld in artikel 31, derde lid.
Het College van Decanen ziet erop toe, dat aan het beraad, bedoeld in artikel 31, derde lid, buiten de voorzitter en de promotor(en), een meerderheid hoogleraar is. Een meerderheid daarvan dient bij de universiteit te zijn aangesteld. Met bijzondere toestemming van het College van Decanen kunnen niet-gepromoveerden met erkende deskundigheid op het terrein van het onderwerp van het proefschrift oppositie voeren.

3. De Rector Magnificus zit de promotiecommissie voor. Hij kan zich doen vervangen door één zijner ambtsvoorgangers, dan wel een Decaan of oud-Decaan.

4. Een lid van de promotiecommissie wordt op voorstel van de voorzitter tot secretaris van de commissie aangewezen.

Artikel 29

1. Tot het naar voren brengen van bedenkingen zijn alle leden van de promotiecommissie gerechtigd.
De promotor draagt er zorg voor dat tenminste drie leden van de promotiecommissie zich bereid verklaren tot het uitbrengen van bedenkingen. De promotor brengt zelf geen bedenkingen naar voren.

2. Voor de aanvang van de promotie regelt de voorzitter in een besloten bijeenkomst van de promotiecommissie de volgorde en globale tijdsduur van de bedenkingen (een voorstel voor de volgorde van oppositie wordt opgesteld door de promotor en moet een week voor de promotiedatum schriftelijk bekend zijn bij de Rector Magnificus).

3. In gevallen, als bedoeld in artikel 7, geschiedt de verdediging door elke promovendus afzonderlijk, zo mogelijk op dezelfde dag op opeenvolgende tijdstippen.

Artikel 30

1. De promotie vindt plaats tijdens een openbare zitting, als regel in de aula van de universiteit.

2. De voertaal tijdens de promotieplechtigheid is het Nederlands of het Engels. Oppositie en verdediging kunnen slechts met uitzondering en met toestemming van de Rector Magnificus gevoerd worden in een andere taal.

3. Ten behoeve van de promotieplechtigheid worden in een afzonderlijk protocol onder meer nadere regelen gesteld betreffende kleding en volgorde van de cortège van de leden van de promotiecommissie en andere opponenten, de promovendus en zijn/haar paranimfen, hun aanspreektitulatuur, alsmede nadere richtlijnen gegeven voor formuleringen ingevolge artikel 33.

Artikel 31

1. Na de openingswoorden verzoekt de voorzitter de promovendus gedurende 1015 minuten een samenvatting van het proefschrift (eventueel met behulp van dias of powerpoint) te geven. Aansluitend geeft de voorzitter het woord aan de opponenten en na iedere opponent aan de promovendus ter beantwoording van de oppositie.

2. De voorzitter regelt de gespreksvolgorde zodanig dat de promovendus na iedere opponent de gelegenheid tot beantwoording krijgt.

3. De zitting wordt in beginsel ongeveer één uur nadat zij is begonnen geschorst. De pedel kondigt met de woorden Hora est aan dat de tijd voor oppositie en verdediging is verstreken.
De promotiecommissie trekt zich hierop terug voor besloten beraad.

Artikel 32

1. In het beraad, bedoeld in artikel 31, derde lid, geven de leden van de promotiecommissie hun oordeel over het aan de promotie ten grondslag liggend onderzoek, het proefschrift en de verdediging.

2. Nadat ook de promotor en de eventuele copromotor van hun mening hebben doen blijken, beslist de commissie over de toekenning van de graad doctor.

3. Indien een der leden van de promotiecommissie dit verlangt, vindt een hoofdelijke stemming plaats over de beslissing. Elk lid van de commissie heeft daarbij één stem.
Staken de stemmen, dan wordt de graad doctor verleend.

4. Indien de graad doctor wordt verleend, ondertekenen alle leden van de promotiecommissie het getuigschrift; de voorzitter en de secretaris van de commissie en de promotor met vermelding van hun hoedanigheid.
Het predicaat, bedoeld in artikel 21, wordt op het getuigschrift aangetekend.

Artikel 33

1. Na afloop van het intern beraad heropent de voorzitter de zitting van de promotiecommissie en doet hij/zij mededeling van haar beslissing.

2. Indien de graad doctor is verleend, bekleedt de promotor, in opdracht van de voorzitter, de promovendus met de toegekende waardigheid en reikt hem/haar het getuigschrift, als bedoeld in artikel 32, vierde lid, uit.
Indien het predicaat cum laude is verbonden aan de graad doctor, doet de promotor daarvan mededeling.

3. Daarna geeft de promotor of, met toestemming van de voorzitter van de commissie, de copromotor een oordeel over het proefschrift en desgewenst over de wetenschappelijke kwaliteiten van de gepromoveerde.
Hij/zij kan daaraan persoonlijke woorden van waardering toevoegen.

 

Valid XHTML and CSS.